fbpx

Na jaren van stilte gaat Slow Food Zeeland weer energiek en vol elan aan de slag. Deze hernieuwde start ging gepaard met mossels, oesters en een glas wijn, afgelopen 21 mei in het is Zeeuwse Yerseke. Voor veel schelpdierliefhebbers is oesters eten een feest. Dat geldt ook voor Slow Food-leden. Voorzien van laarzen, een emmer en gewapend met een oestermes, kwamen we eind mei in Yerseke samen. Daar vierden we de heroprichting van de Zeeuwse afdeling van de wereldwijde voedselbeweging. Onder een wapperende Slow Food-vlag nam Arien de Haan, mede-initiatiefnemer voor de oprichting van Slow Food Zeeland, het woord. ,,Na een dip van een paar jaar steekt de afdeling Zeeland gelukkig weer van wal. Dat is een feestje waard, want deze provincie is rijk aan prachtig voedsel. Uit het water komen mossels, oesters en ander lekkernijen, maar ook zilte groenten als zeekraal, zeesla, lamsoor. En niet te vergeten Oosterscheldekreeft. Ook van het land komt het nodige: fruit, uien, aardappelen, groentes. En er is Zeeuws lamsvlees. Genoeg diversiteit en genoeg om van te genieten. Dat willen we graag zo houden. Met Slow Food kunnen we daar een steentje aan bijdragen.’’

 

Mossels en een bolus

Na deze mooie woorden wandelen we naar een zaaltje voor koffie met Zeeuwse bolus. Omdat een zoete, plakkerige mond niet makkelijk praat, volgt een film over de Zeeuwse mosselsector. Alle stappen in de kweek en verwerking van mossels worden belicht. Van mosselzaad tot ‘natte mosselpakhuizen’ in de Oosterschelde. De voor- en nadelen van de bodemteelt, maar ook die van de hangcultuur waarbij mossels aan drijvende constructies in het zoute water hangen. Bijzonder van Yerseke is dat hier de enige mosselveiling ter wereld staat. Leerzaam en leuk al die weetjes, toch ontstaat bij sommigen wat onrust. Want, hoe zit het nou met het echte werk: dat rapen van die wilde oesters?

Wilde oesters

Daarvoor moeten we de dijk over, naar een strandje aan de Schelpkreek in de Oosterschelde. Het water staat inmiddels laag, het is eb. Alikruiken, kokkels en de befaamde Zeeuwse creuses steken met hun scherpe punten boven het zand uit. ,,Van origine komt dit soort creuses uit Japan’’, legt onze ervaren gids Laurence uit. ‘’Ooit hier uitgezet in Zeeland toen het slecht ging met de oesterstand.’’ Ze vertelt over de verschillende soorten oesters, de duurzame teelt, maar ook over bedreigingen. De laatste jaren hebben de schelpdieren erg te lijden onder de oesterboorder, een zeeslak die dol is op oesters. De diertjes boren een gaatje in de schelp en eten zich dik. Deze eetlust brengt de Zeeuwse oesterproductie in gevaar. Er zijn al hele percelen verloren gegaan. Om verdere verliezen te voorkomen, passen kwekers steeds vaker de tafelmethode toe, waarbij korven of zakken op tafels liggen die onder water staan.

 

Wrikken en slurpen

Gelukkig liggen op het strandje bij Yerseke genoeg wilde oesters. Laurence geeft waardevolle tips, want niet elke schelp is geschikt om te eten. ,,Een goede oester is ovaal en grillig van vorm. Als de schelp een mooie bolling heeft, zit hij vol vlees. Wilde schelpdieren eten kan heel goed, maar let wel op waar je ze raapt. Ze filteren namelijk het water. Dit deel van de Oosterscheldeis schoon, dus wat je hier vindt, kun je veilig eten.’’ 

Al snel gaat bij menigeen het mesjes tussen de schelpen. Even wrikken en slurpen. De oesters voor thuis worden zorgvuldig afgedekt met ‘klappers’. Dit blaaswier houdt de schelpdieren een paar dagen goed. Na het rapen kan een oesterproeverijtje met een glas wijn op de wal niet uitblijven. En of het nu de frisse lucht is, de combinatie van wind en zon of toch de wijn: de meesten gaan met blossen op de wangen, én een ervaring rijker, huiswaarts.

 

Slow Food Zeeland