fbpx
Interview met Mark Frederiks
– mede-initiatiefnemer van de Taskforce Korte Ketens

We zagen de afgelopen jaren de Taskforce Korte Keten steeds vaker voorbij komen in de media. Toen veel korte keten ondernemers het zwaar kregen door corona, startte de Taskforce met hun partners een landelijke campagne #SupportYourLocalsNL, om consumenten in deze tijden van crisis hun lokale voedsel ondernemers te laten steunen. Maarten Kuiper sprak met Mark Frederiks – ondernemer in de korte keten met o.a. Local2Local, en mede initiatiefnemer van de Taskforce – over het belang van de korte keten voor Nederland, tijdens corona en daarna.

Tekst // Maarten Kuiper
Beeld // Sven Benjamins (boven) & Marc van Woudenberg (linksonder)

NB: Het grootste deel van dit interview werd gevoerd voordat Nederland de intelligente lockdown in ging. Afgelopen week belden we kort voor een update. Zie een verslag van dit gesprek onderaan het interview. 

Hallo Mark. Om maar met een simpele vraag te beginnen: wat is een korte keten?
Een korte keten is een regionaal georiënteerd ecosysteem waarin je met een beperkt aantal voedsel ondernemers samenwerkt om ecologische, economische en maatschappelijke waarde toe te voegen aan je omgeving.

Dat gaat dus niet alleen over eten, het gaat over verbinding en gedeelde waarden. Boeren voegen zoveel waarde toe aan natuur en samenleving, maar zijn daar eigenlijk het afvalputje van. Hoe kan het zijn dat we de boeren zo hebben gepositioneerd dat het voedselsysteem voor hen een gijzeling is? Dat is een systeemprobleem, en dat moeten we herstellen.

“Een korte keten gaat niet alleen over eten,
het gaat over verbinding en gedeelde waarden”

Een andere definitie van de korte keten die je veel hoort is dat je niet meer dan één tussenschakel tussen consument en producent mag hebben. Dat is niet wat wij zien als de enige toegevoegde waarde van de korte keten. Want niet meer dan één tussenschakel kan ook gewoon contractteelt zijn tussen een boer en een grote supermarkt. Dat heeft niks met met ons idee van de korte keten te maken.

Waarom hebben we in Nederland een taskforce nodig voor de korte keten?
Een regionale korte keten is negen van de tien keer een herhaling van zetten, waar mensen met heel veel enthousiasme en energie lokaal gaan zitten pionieren. Lovenswaardig, maar ook enorm zonde als iedereen probeert het voedselsysteem te veranderen en daar keihard aan werkt terwijl er misschien wel al iets vergelijkbaars in Flevoland is gemaakt. Of het ligt allemaal al in Brabant of Utrecht op de plank.

We kunnen ongelofelijk veel leren van elkaar. Dus de Taskforce is eigenlijk een manier om efficiënt om te gaan met de kennis en kunde die je hebt ontwikkeld in verschillende regio’s, en daar vanuit een gezamenlijke visie te ontwikkelen.



Hoe is de Taskforce Korte Ketens gestart?
De Taskforce is in 2018 opgericht door Jan Willem van der schans, Joris Lohman, Mike Venekamp, Drees Peter van den Bosch en Bart Kraaijvanger, onder andere vanuit de Transitie Coalitie Voedsel. Mark: ‘We kwamen elkaar steeds vaker tegen en kwamen er achter dat wij, net als veel anderen, steeds in ons eigen gebied tegen dezelfde uitdagingen aan liepen. Dus toen hebben wij met z’n zevenen gezegd: ‘Als wij in staat zijn om samen te werken, werkt dat mogelijk als een inspirerend voorbeeld naar de rest.’ Inmiddels is de taskforce korte keten los van die zeven koplopers een ecosysteem van samenwerkende regionale spelers die nu dat ecosysteem gebruikt om de hoge overstijgende thema’s aan te pakken. De groep die meewerkt deelneemt inbrengt is enorm gegroeid.

Er staat nu een organisatie, een stichting met een hele robuuste Raad van Advies met daarin prins Carlos, Willem Lageweg (Transitie Coalitie Voedsel), Thijs Kuipers (LTO), Marjolijn Sonnema (LNV) en Barbara Baarsma (Rabobank metropoolregio Amsterdam).

We hebben van het Ministerie van LNV vorig jaar de opdracht gekregen om te gaan inventariseren waar de belangrijkste knelpunten, kansen en bedreigingen liggen voor het verder ontwikkelen van korte ketens in Nederland. Dat is uitgemond in drie programmalijnen op het gebied van logistiek, multichannel en data.

 


 

TaskForce Korteketen_Mark Frederiks

Mark Frederiks – mede-initiatiefnemer Taskforce Korte Keten

Wat is de grote verandering die jullie nastreven met de Taskforce?
We willen de groep Nederlanders die korte ketens ondersteunen vergroten. Heel concreet betekent dat de sprong maken van early adopters naar early majority. Als je kijkt naar wie er in Nederland op dit moment als consument meedoet in de korte keten  dan heb je het over een groep early adopters, dat is ongeveer 11%. Daar zullen de meeste Slow Food leden ook in zitten. Dat zijn mensen die weinig extra aansporing nodig hebben, die springen zo op de fiets om ergens in de buurt hun groenten te gaan halen, ze betalen graag iets meer en zijn bewust van problemen in het voedselsysteem.

Als je een zinvolle transitie wilt bereiken dan moet je de sprong maken van early adopters naar de volgende groep, de early majority. Dat is een bijzondere groep, ook weer rond de 34% van de bevolking. Die hebben doorgaans helemaal geen zin in omrijden, die willen ook niet teveel betalen en zijn niet dagelijks bewust bezig met de juiste keuzes. Die groep moet je te pakken zien te krijgen. 

Wil je de sprong maken van early adopter naar early majority dan moet je betaalbaar, toegankelijk en sexy zijn. Dus niet duur, niet te ingewikkeld en niet allemaal doemscenario’s schetsen van ‘de wereld gaat naar de klote!’.

Als dat lukt, dan ben je dus een fantastische transitie aan het faciliteren. Want zodra je die sprong naar early majority hebt gemaakt wordt lokaal eten een nieuwe gemeenschappelijke waarde, van goed fatsoen en daarmee is het klaar. En dan kan de overheid weer aan de bak met wetgeving bedenken om die nieuwe waardes in te bedden.

“Het werkt niet als de overheid zegt: ‘En nu gaan we allemaal lokaal eten’”

Wat heb je nodig van consumenten en andere stakeholders om deze transitie te maken?
De regels onder het voedselsystemen worden aangepast als wij met z’n allen dat belangrijk vinden. Het werkt niet als de overheid zegt: ‘En nu gaan we allemaal lokaal eten’. Het werkt wél als je gewoon stap voor stap van early adopters naar early majority kan springen, en daar overheden en grote organisaties uiteindelijk ook in meeneemt. Het is nu allemaal nog te klein en te fragmentarisch voor grote organisaties om ook mee te doen. Dus die kijken nu vooral de kat uit de boom. Dat mag ook, maar vooral omdat zij zoeken naar welk moment het genoeg en sterk genoeg is om ook samen te gaan werken. En dan is de vraag: hoe doe je dat?

En inkopers van supermarkten?
Die zijn voor ons niet het belangrijkste aanspreekpunt. Voor mij persoonlijk niet in ieder geval. Veel korte ketens zijn overigens wel opgebouwd doordat ze daar zaken mee doen. Het kan wel. Maar ik denk dat je eerder te maken hebben met de opdrachtgever, bij voorkeur de eind klant, van de inkoper dan met de inkoper zelf. 

Bijvoorbeeld: op dit moment vertalen veel inkopers duurzaamheid als keurmerken. Dus die gaan keurmerken inkopen. Wat mij betreft bestaan keurmerken bij het gebrek aan transparantie. Wat wij zoeken met korte ketens is juist extreem radicale transparantie en vertrouwen tussen alle schakels in de ketens. Dus wij zijn bezig met de Taskforce om bewijslast op te bouwen dat als een boer CO2 opslaat in de bodem, dat hij waarde toevoegt en dat hij dat beter beloond moeten worden. Dat gaat over data, dat gaat over blockchain technologie, over meten, over nieuwe standaarden. Daarin zoek je niet naar instrumenten als keurmerken, maar naar ketens van vertrouwen, verbindingen tussen disruptieve ondernemers, boeren en burgers die tegen elkaar zeggen: ‘oké, ga ervoor!’.  

Denk je dat we in de discussies over duurzaamheid te veel macht bij inkopers neerleggen?
Ja, volgens mij hebben we een systeemprobleem, geen inkopers probleem. Op het moment dat een inkoper van zijn werkgever de opdracht krijgt voor een goede marge en duurzame waarden producten in te kopen, dan doet hij dat. Ik denk dat een inkoper een hele waardevolle partij is, alleen zijn opdracht is verkeerd.

“Als je bijvoorbeeld in het bestuur van een lokale sportclub zit kun je nadenken over lokaal inkopen doen voor de kantine, en daarin wellicht samenwerken met andere verenigingen in je omgeving.”

Wat kan de lezer van dit interview bijdragen aan deze transitie?
Het is voor iedereen belangrijk om na te denken over de rol die je hebt in het ecosysteem van de kudde mens. Als je bijvoorbeeld in het bestuur van een lokale sportclub zit kun je nadenken over lokaal inkopen doen voor de kantine, en daarin wellicht samenwerken met andere verenigingen in je omgeving. Focus je niet op de mensen die het niets interesseert, dat is zonde van de energie. Dat is veel te vroeg, die worden later met aanbiedingen en passende wetgeving uiteindelijk wel meegenomen. Maar richt je op de mensen die naar je luisteren, die zich misschien aan je spiegelen. En wees je bewust van die verantwoordelijkheid die je kan nemen.

Om het nog iets concreter te maken: iemand leest dit en die persoon zit in het bestuur van een sportvereniging. Hoe begint die persoon dan?
Die persoon zou kunnen adresseren in het bestuur dat hij of zij zelf deze producten al een aantal jaren koopt en ze heel lekker vindt. Je zegt: “Ik zie dat wij nog een aantal andere sportverenigingen in onze omgeving hebben. Als we nou we samen zouden werken en ook het bedrijf waar ik werk vragen om dat te gaan inkopen, dan kan het nog steeds goed betaalbaar zijn.’

Ga vooral niet lopen prediken over allerlei duurzaamheidswaarden, of dat de wereld naar de kloten gaat. Maak het toegankelijk. Probeer ervoor te zorgen dat er een mogelijkheid ontstaat voor anderen om ook toegang krijgen tot dit product dat jij geweldig vindt. Dat het betaalbaar, toegankelijk en sexy wordt. Natuurlijk is het al heel waardevol om het product zelf te kopen. Maar als je deze rol pakt als koploper, dan voeg je potentieel nog veel meer waarde toe.

UPDATE: GESPREK NADAT NEDERLAND IN LOCKDOWN IS GEGAAN

Hallo Mark, wat is er gebeurd met de Taskforce Korte Keten sinds we in Nederland de periode van lockdown zijn ingegaan?
Ja, we waren natuurlijk volle bak bezig met een plan om in april te lanceren. Toen kwam corona, en dat plan werd vloeibaar. In het oorspronkelijke plan zouden we in een periode van twee á drie jaar de overheid activeren, onderwijs verbinden en het maatschappelijk draagvlak vergroten om geleidelijk aan de urgentie van lokale voedselconsumptie te bouwen. En opeens was de urgentie daar. Legge schappen in de supermarkt. De horeca op z’n gat. Plotseling werd heel duidelijk wat echt belangrijk is voor ons als samenleving. Dus gezondheidszorg, voeding, rekening houden met elkaar. 

Alle korte ketens zagen hun omzet opeens enorm toenemen. Heel goed, maar er werd ook een andere manier van denken verwacht. Veel mensen moesten acuut over schaalvergroting gaan na denken. 

Ons eigen plan voor de komende jaren werd vloeibaar. Wat in drie jaar zou gebeuren door hard werken gebeurde nu ‘vanzelf’ in een paar weken. De korte keten is relevanter dan ooit. We hebben in hele korte tijd de campagne ‘Support your Locals’ opgezet in samenwerking met onder andere Food Cabinet. Het was een hele drukke periode. We zijn natuurlijk zelf allemaal ondernemers. Dus in onze eigen bedrijven werd het opeens veel drukker, in mijn geval verkochten we met Local2Local misschien 20.000 eieren per dag. Dat werden er opeens 75.000 per dag. Daarnaast moesten we in de taskforce ook snel schakelen. Iedereen zat in vijf of zes zoom sessies per dag. Dat heeft wel wat flexibiliteit gevraagd van iedereen. 

In de afgelopen paar weken daalt het stof neer, en kunnen we ons afvragen hoe we verder gaan. We hebben nu nog meer verantwoordelijkheid om met dit momentum onze plannen nog sneller te laten gebeuren.

 

 

Deze periode geeft een positieve impuls aan lokale voedsel ondernemers en de korte keten. Zien jullie manieren om dit te behouden op de lange termijn?
Zeker. Ik denk dat veel mensen in de afgelopen periode hebben gezien dat ze elkaar echt nodig hebben, dat er nieuwe, blijvende verbindingen zijn ontstaan. 

Met de taskforce zijn we versneld in contact gegaan met alle regio’s, met alle koplopers. Dus je ziet nu zoom meetings in een week ontstaan tussen beleidsmakers, ondernemers en andere spelers. Ik heb vandaag online met 50 man over korte ketens in en rond Amsterdam zitten praten, dat was in anderhalve week opgezet. Dat had een paar maanden geleden een half jaar geduurd om te plannen. 

En nu zit je met z’n allen in ‘huiselijke’ sfeer een halve dag met elkaar te praten over volgende stappen, gedeelde waarden, knelpunten. Dat is fantastisch om te zien. Ik weet niet wat er gaat gebeuren wat betreft corona in de nabije toekomst, maar laten we dit momentum wel vasthouden met elkaar. We zien nu samenwerking tussen steden, provincies, tussen korte keten ondernemers onderling op het niveau dat we in eerste instantie pas over drie jaar hoopten te bereiken. Iedereen, inclusief overheid, beseft dat dit een uniek moment is. Als we het willen doen, moeten we het nu doen. 

De komende periode gaan we de Support Your Locals campagne omsturen van individuele initiatieven naar alliantievorming. En per 1 september moet er een nieuwe visie en strategie liggen, gedragen door alle betrokken steden, provincies en koplopers in de transities.

– Meer weten of Taskforce Korte Keten? Kijk op www.taskforcekorteketen.nl.

– Dit artikel is geschreven door Maarten Kuiper. Maarten is – naast bestuurslid evenementen bij Slow Food Nederland – het gezicht achter De Seizoensarbeider. Hij werkt, reist en schrijft zich vanaf augustus 2018 een jaar lang een weg door de voedselketen. Onderweg zoekt hij verhalen van boeren, vissers en andere voedselproducenten. Verhalen achter ons voedsel. Verhalen die gehoord moeten worden. Zo vist hij op paling, rooit hij aardappels, steekt hij asperges en wie weet wat nog meer! Volg de avonturen van Maarten via Instagram of lees mee in zijn reisdagboek.