fbpx

Is Aspergehof Noordam de enige teler in ons Groene Hart? Helemaal met zekerheid durven we het niet te zeggen. Voor ons is Guusta Noordam in ieder geval geen onbekende – als Slow Food Groene Hart zijn we al eens eerder bij haar op bezoek geweest. Onlangs is Guusta lid geworden van Slow Food. Dus reden voor een hernieuwde kennismaking.

Hoe zijn jullie tot de keuze voor asperges gekomen?
Guusta neemt ons mee terug in de tijd. ‘Toen mijn broer zo’n 25 jaar geleden van school kwam, wilde hij graag boer worden. Maar op aardappels en uien red je het niet. Dus gingen we andere dingen uitproberen, zoals lelies. Mijn opa had asperges in zijn moestuin, en dat vonden we een mooi product. Dat moet kunnen, dachten we. Maar het bleek niet mee te vallen. Ze werden krom en het was veel experimenteren. De aarde mengen met potgrond, om de aarde losser te maken. Of bovengronds telen onder zwart plastic. Tot we erachter kwamen dat er hier in onze polder zand onder de kleilaag zit – en dat was de oplossing: de grond omdraaien.’

Waarom ben je eigenlijk lid geworden van Slow Food?
‘Gewoon, omdat ik achter de uitgangspunten sta’, zegt Guusta. ‘Slow Food vertelt het verhaal achter het product. Het maakt de consument bewust waar zijn voedsel vandaan komt, hoe het proces in elkaar steekt. Toen wij ons bedrijf ooit zijn begonnen, hebben we er bewust voor gekozen onze producten rechtstreeks aan de consument te willen verkopen. Via de veiling en tussenhandel belandt jouw product anoniem in de supermarkt. Bij ons weet je wat je koopt, zie je direct waar het vandaan komt, dat het vers is. Zo’n 95% van onze asperges verkopen we direct aan de consument via onze winkel en de automaat. Daarnaast hebben we een klein aantal afnemers in de horeca. En doordat zij zijn gaan werken met afhaalmaaltijden, hebben we gelukkig geen last van de coronaperiode.’

Er is veel maatschappelijke discussie over duurzaamheid. In welke mate hebben jullie daarmee te maken?
‘Met de asperges is dat redelijk eenvoudig. Je hebt er zo goed als geen bestrijdingsmiddelen voor nodig. Je kunt last hebben van veenmollen, maar daar kan je niet zoveel aan doen. Als mest gebruiken we paardenmest van een bedrijf hier twee kilometer verderop, dus dat is natuurlijk. Voor de aardappels gebruiken we kunstmest. Afhankelijk van de bodemmonsters kijken we wat nodig is. En alles registreren we natuurlijk in de mestboekhouding. Het is lastig in Nederland om volledig over te stappen naar biologisch telen. Dat duurt twee jaar en tijdens die periode word je niet ondersteund met subsidie, terwijl je wel de investering moet doen en tegelijkertijd je producten nog voor lage prijzen moet verkopen omdat je nog niet voldoet aan de normen voor biologisch. Ik ben erg gecharmeerd van bodemisch telen, daar wil ik me verder in verdiepen. Dat is een ecologische methode, waarbij je met zadenmengsels de aarde vruchtbaarder maakt. En met mineralentoevoeging tijdens de groei, geef je  gewassen wat ze nodig hebben. Dat levert bijvoorbeeld zeer smakelijke aardappels op, die bovendien meer vitaminen, mineralen, sporenelementen etcetera bevatten. Goed voor mens én natuur.

Hoe groot is jullie bedrijf eigenlijk? En wat verbouwen jullie nog meer?
‘Wij hebben 30 hectare grond, waarvan 3 hectare voor de asperges. Vooral wit, en ook een beetje groen en paars omdat er vraag naar is. Je hebt minimaal 75 hectare nodig voor gangbare akkerbouw om van te kunnen leven. We zijn dus relatief klein en bedienen een nichemarkt. We telen ook aardappels, uien, bieten en tarwe. Dat laatste is eigenlijk alleen voor diervoeding – we hebben te weinig zon hier, anders dan in bijvoorbeeld Zeeland, voor hoogwaardige kwaliteit tarwe. Maar de aardappels en uien leveren weinig op. Voor de aardappels krijgen we bijvoorbeeld maar 3 cent per kilo. Ook al is het seizoen kort, we leven van de asperges. De prijs bepalen we aan de hand van de veilingprijs. We hadden dit jaar bijvoorbeeld een vroege Pasen, er was nog weinig aanbod en dan zie je duidelijk het mechanisme van vraag en aanbod. Waren de asperges met Pasen nog € 26,- per kilo voor de AA-kwaliteit, nu kosten ze de helft.’ 35% van de oogst is B-kwaliteit. Een deel daarvan verwerken we onder andere in soep, quiches en aspergekroketten, die we in de winkel verkopen.

En wat doe je buiten het aspergeseizoen?
‘Normaliter organiseren we ook allerlei activiteiten, is er ruimte voor feesten of vergaderingen en hebben we een camperplaats. En omdat ik onze catering wil uitbreiden, heb ik de opleiding tot zelfstandig kok gedaan. En dan doe ik ook nog aan kerstversiering voor bedrijven. Ik lever kerstballen, tuig kerstbomen op, haal de ballen in januari weer op. Zo blijf je lekker bezig’, zegt Guusta terwijl ze met haar handen denkbeeldige kerstballen sorteert. ‘Ik houd er wel van om verschillende dingen te doen’, lacht ze. En zo zien we bij deze hernieuwde kennismaking een actieve ondernemer die graag de handen uit de mouwen steekt.

Natuurlijk gaan we niet naar huis zonder inkopen te doen in de boerderijwinkel. Er staat inmiddels een rij, maar even wachten hebben we er wel voor over. Tevreden lopen we na ons bezoek met kraakverse asperges naar de auto.

Meer weten?
https://www.aspergehofnoordam.nl/

Aspergehof Noordam
Boddens Hosangweg 63
2481KX Woubrugge

Tekst // Stefanie Witte & Marjolein Simons – Slow Food Groene Hart
Foto’s // Marjolein Simons/Aspergehof Noordam